De vaardigheidslijn Beeldend Vormen wordt in periode 5 in Heerlen en Maastricht aangeboden.
‘van Beeld naar Verbeelding’
= Een beestachtig wezen, een wezenlijk beest!=
In de Vaardigheidslijn B.W. van Pabo 1 lag de nadruk vooral op het leren verbeelden d.m.v. experimentele zienswijzen. Het leren abstraheren, deformeren van de voorstelling, bood studenten de mogelijkheid anders tegen de vormgeving van kinderen aan te kijken. Niet louter impressieve (niet-echte) zienswijzen, maar expressieve verbeeldingen stonden centraal. (Vak) didacitsche kwaliteiten, kunstbeschouwelijke reflectie kregen de aandacht. Ook ontwikkelingspsychologische aspecten werden meegenomen. Dit alles onder het motto “moet je die kop zien’ een magazijn der verbeelding rondom portretten was de aanleiding, om een werkplekopdracht beeldend werken te onderzoeken, ontwerpen en uit te voeren. De eigen vaardigheid, het weten, het kunnen en het laten zien op de werkplek leiden zo wellicht tot synergie.
Pabo 2 ‘Een beestachtig wezen, een wezenlijk beest’
In deze vaardigheidslijn wordt verder ingegaan op (vak) didactische competentieverwerving, op verbeelding en de technische vaardigheden van studenten. Dit keer met name romdom 3-dimensionale werkwijzen: Het laten ontstaan van een vorm, het oplossen van een beeldend probleem, het - productieve gedeelte- . Daarnaast het kijken naar beelden, kennis van kunstbeschouwing, maar ook het bespreken van de aanpak, aandachtspunten en valkuilen van een beeldende lesactiviteit op de basisschool, het – reflectieve gedeelte-.
Een en ander zal resulteren in het uitvoeren van een verantwoorde beeldende activiteit op de werkplek rondom het thema ‘beestenboel’ Met behulp van bestudeerde methodieken en reflectieve (kunstbeschouwelijke) uitgangspunten maakt de student een lesontwerp voor de werkplek (rond het thema beest) met een kunstbeschouwelijke ondersteuning.
Doelen
- De student verwerft inzicht in de structuur van een beeldende les; inleiding, reflectie, tussentijdse evaluatie, stimuleren, activeren, corrigeren, enthousiasmeren etc.
- De student maakt kennis met verschillende methodieken en onderzoekt daarmee de bestaande mogelijkheden en zijn eigen affiniteitsgebieden binnen beeldend werken (orienteringsbasis).
- De student maakt kennis met creatieve processen.
- De student maakt kennis met kunstbeschouwing en integreert dit in het productieve werk.
- De student werkt aan eigen vaardigheid (praktisch).
- De student maakt een verwerking/toepassing van de verworven inzichten en vaardigheden door middel van het uitvoeren van een werkplekopdracht rondom het thema ‘beestenboel’
Doelen
- De student verwerft inzicht in de structuur van een beeldende les; inleiding, reflectie, tussentijdse evaluatie, stimuleren, activeren, corrigeren, enthousiasmeren etc.
- De student maakt kennis met verschillende methodieken en onderzoekt daarmee de bestaande mogelijkheden en zijn eigen affiniteitsgebieden binnen beeldend werken (orienteringsbasis).
- De student maakt kennis met creatieve processen.
- De student maakt kennis met kunstbeschouwing en integreert dit in het productieve werk.
- De student werkt aan eigen vaardigheid (praktisch).
- De student maakt een verwerking/toepassing van de verworven inzichten en vaardigheden door middel van het uitvoeren van een werkplekopdracht rondom het thema ‘beestenboel’
Algemene werkwijze
bijeenkomst
Thema/activiteiten
Studielast in uren
1.
Beeldend werken, hoe doe je dat??? Verbeelden in de basisschool: de structuur van een beeldende les, uitgangspunten voor leerkrachtgedrag. (videofragment)
Uitleggen en verstrekken praktische opdracht (wat mee te nemen voor volgende les?)
2 uur in les
A. Bijsluiter bestuderen
B. Materiaal verzamelen voor opdracht
C. Zoek beeldmateriaal (5) typische verbeeldingen van beesten (impressief, expressief)
4 uur
2.
Inleiding: ‘verpakken’ als beeldend middel.
Aan de slag praktisch
2 uur
Opdrachten a,b,c, lopen door (2 uur)
3.
Werken aan de opdracht Praktisch: de ‘huid’ verzinnen naar aanleiding van kunststroming
2 uur
4.
Introductie methodieken BV, onderzoek thema ‘beesten’, uitleg werkplekopdracht.
Verder werken aan opdracht
2 uur
2 uur methodieken/atelier
5
Verder werken aan opdracht
2 uur
Werkplek opdracht 4 uur
6
Inleveren werkstuk en ‘art book’
6 uur
herkansing
Aanpassen opdracht
Totaal
28 uur
Literatuur
Op Blackboard: zie lesvoorbereidingsformulier-bijsluiter B.V.
In bezit: Beeldonderwijs en didactiek van Ben Schasfoort.
Methodieken Beeldend Vormen voor basisschool (raadpleeg studielandschap etc.)
Beoordeling
De student wordt beoordeeld op basis onderstaande elementen;
Eindproduct: studenten maken een beestachtig wezen.
Techniek: assemblage van verschillende objecten en het experimenteren met verschillende materialen.
Afronding: de studenten zoeken naar een originele bedekking (‘huid’) van het beest, geïnspireerd op een kunststroming of een bepaalde kunstenaar.
Groeperingsvorm; groepswerk, 4 studenten per werkstuk.
Art Book: Dit is een bundeling van het methode-onderzoek (1x gezamenlijk), kunstbeschouwelijk onderzoek (1x gezamenlijk) en een verslag van de werkplekopdracht+foto’s (4x individueel)
Beide elementen dragen voor 50% bij aan het eindcijfer, dat minimaal 55 punten dient te zijn.