BEWEGINGSONDERWIJS- 2
Creëren van bewegingssituaties.
Uitgebreide beschrijving van de vaardigheidslijn staat in DELPHI
Inleiding Deze vaardigheidslijn sluit aan op het bewegingsonderwijs tijdens thema 2. Kreeg je in thema 2 veel informatie over leren en laten leren, nu zullen wij aansluiten bij thema 4: verschillen in het onderwijs. Informatie die je tevens kunt gebruiken binnen het bewegingsonderwijs.
In het werkboek (wat beweegt mij..) stelden wij dat bewegingsonderwijs een boeiend vak is om lessen in te verzorgen. De kinderen gedragen zich in de heerlijk vrije ruimte van een gymzaal totaal anders dan in het klaslokaal. Dat is volkomen normaal en 'des kinds', dus bij het kind behorend en van de ervaringswereld van het kind uit. Dat betekent dat je in je Pabo periode moet trachten om zoveel mogelijk ervaring op te doen op het overdenken en uitvoeren van lesactiviteiten. Lesgeven leer je nu eenmaal door kritisch en doordacht bezig te zijn met de drietrap voorbereiding - uitvoering - evaluatie.
Daarom willen wij dat in jullie PABO- Zuyd opleiding twee dingen centraal staan: goed leren observeren van bewegende kinderen én heel veel mogelijkheden leren die helpen te bedenken hoe elk kind verder kan komen.
Steeds vaker wordt in het onderwijs een beroep gedaan op de leerkracht in zijn/ haar rol als begeleider of coach: het accent komt meer en meer op de pedagogische taak te liggen. Leerkrachten in het basisonderwijs dienen steeds meer oog te hebben voor het kind als persoon in ontwikkeling, die vaak 'op maat' begeleid moeten worden. Anno 2010 ben je coach en begeleider en je dient om te gaan met de verschillen van de kinderen. Het bewegen van kinderen is bij uitstek een gebied, waarin kinderen zich in persoonlijk opzicht manifesteren. Het is een gebied waar de leerkracht basisonderwijs met 'andere ogen' naar de kinderen kan en moet kijken.
Hoe gaan we om met kinderen 'waar wat mee is', die niet echt willen; zijn zij lastig in de les?
Of: dat meisje met angst voor de bal, dat is wel lastig, moet ze dan maar niet meedoen?
Zo zijn er talrijke situaties te benoemen, waarbij het om coachende en begeleidende competenties gaat.
Doel De toekomstige leerkracht basisonderwijs goede bewegingssituaties te laten creëren, die hij/ zij in de praktijk kan brengen. Te reflecteren op het eigen gedrag: wat doe ik eigenlijk tijdens mijn les, dat er voor zorgt dat het zó gaat? Welke interventies helpen om mijn doelen te bereiken met de individuele kinderen, welke interventies werken juist blokkerend.
Algemene werkwijze Studie Belastings Uren (SBU) en Contacturen (CU) Je ontvangt voor de vaardigheid bewegingsonderwijs 1 E.C. Dat betekent een studiebelasting van 28 uren in totaal.
Bijeen-
komst
thema
CU
1.1 ♣
Kennismaken/ Afspraken
1,5 U
1.2 ♣
Kleuterspel
werkplekleren
2.1 ♣
Bewegingshoeken
1,5
2.2 ♥
4 Studenten: instructie onderling (1)
3.1 ♣
Bewegingshoeken
1,5
3.2 ♥
4 Studenten: instructie onderling (2)
werkplekleren
4.1 ♥
4 Studenten: instructie onderling (3)/ buitenles
1,5
4.2 ♣
5.1 ♣
4 Studenten: instructie onderling (4)
1,5
5.2 ♣
Bewegingsperformance voorbereiding
werkplekleren
6.1 ♥
Toets: Bewegingsperformance
1,5
6.2
4 groepen
TOTAAL
9 SBU
♣ Instructie docent
♥ Instructie studenten onderling
TOTAAL
3 U
6 U
4 U
6 U
19 SBU
Beoordeling Voorwaardelijk:
Aanwezigheid tijdens de lessen -In principe ben je verplicht alle lessen te volgen. (80% aanwezigheidsverplichting) Aanwezigheid en actieve deelname zijn dus voorwaarde. Afwezigheid dient verantwoord te worden bij de docent Bewegingsonderwijs en heeft individuele afspraken (taak) tot gevolg. Neem je geen actie na uitval van lessen dan kan dit leiden tot het niet beoordelen van het reflectieverslag. -Instructie: Studenten oefenen door een instructie aan de medestudenten (met voorbereiding). Aan de instructie zullen steeds nieuwe criteria worden gesteld, aansluitend aan de instructie van de docent. De feedback van de voorbereiding en de gegeven instructie zijn formatief d.w.z. na getoond handelen krijg je feedback op jouw manier van leiding geven door docent en medestudenten. Deze feedback wordt in je reflectieverslag opgenomen (zie reflectieverslag). Zie toelichting. -Opdracht 'Bewegen in brede context': Er wordt toegewerkt naar een presentatie, waarbij iedere student deelneemt in een groep. Je ontvangt hiervoor een beoordeling en feedback. Neem deze feedback op in het reflectieverslag.
Heb je aan de voorwaarden voldaan, dan: Lever je een reflectieverslag in vóór vrijdag 02 juli 2010 volgens de stappen die staan beschreven in de uitgebreide beschrijving van deze vaardigheidslijn (Delphi). Dit wordt beoordeeld met een voldaan of niet voldaan!
Literatuur
Verplicht
-Bewegingsonderwijs in het speellokaal. (klapper)
- Uitgebreide beschrijving van de vaardigheidslijn downloaden van DELPHI
Werkgroep voor bewegingsonderwijs
(Delphi)
-Artikel uit vaardigheidslijn 1:
Hoe breed is de brede context. Dit is hoofdstuk 2 uit:
Bewegen in een brede context; S.L.O. Chris Mooij e.a; februari 2003
-'Buitenspelen, de wereld die van kinderen hoort te zijn' Jorg Radstake.
Uit: Lichamelijke opvoeding januari 2009.
-Artikel 'Buitenspelen is ook bewegen' Kees Both en Josine van den Bogaard
Uit: Pedagogiek 2008
-Artikel: Kijk eens wat ik kan!; Greet Caminada. Uit: De wereld van het kind juni 2007
-Stencil 'Voorbeelden van pleinspelen'. Praktijkvoorbeelden voor het schoolplein
-Artikel uit Lichamelijke opvoeding op de basisschool, v.d. Loo
Vaststellen van de beginsituatie. Hoofdstuk 3.4
Materiaal
Correcte gymkleding (inclusief zaalschoenen)