Taak 1: De spin in het web ofwel het krachtenveld
Materialen: Casus Dennis: Spierziekte
Casus Dennis
Dennis wordt volgende maand zeven jaar. Hij zit eind groep 2 op een reguliere basisschool. Dennis zit voor de tweede keer in groep 2. Hij heeft Duchenne. De ziekte is op driejarige leeftijd bij hem gediagnosticeerd. Duchenne is een ongeneeslijke, erfelijke spierziekte die uitsluitend bij jongens voorkomt. In toenemende mate gaat de spierkracht en conditie achteruit. Kinderen met deze spierziekte hebben een beperkte levensduur. Dennis heeft een oudere zus (negen jaar). Ze klaagt de laatste veel over het feit dat Dennis bepaalde dingen wel mag en dat de ouders aan haar hogere eisen stellen. Ouders vinden het moeilijk om eisen te stellen aan Dennis, ze geven gauw toe. Dennis bepaalt - onbewust - veel zaken thuis. Het gezin wordt begeleid door een maatschappelijk werkster. Ze helpt op dit moment met aanvragen van aanpassingen voor het huis. Dit is lastig, waarschijnlijk moet het gezin verhuizen naar een aangepastewoning. Dennis heeft twee keer per week hydrotherapie en fysiotherapie voor de conditie en longfunctie. Hij gaat hiervoor onder schooltijd naar het revalidatiecentrum. Dennis wordt gebracht en gehaald door vader of moeder naar de therapie.
Vader heeft sinds kort een bakkerij en moeder helpt in de zaak. Dit kost beiden veel tijd en energie. Op school heeft Dennis het goed naar zijn zin en hij heeft vriendjes die ook bij hem thuis komen spelen. Tussen de middag gaat Dennis naar huis, hij blijft niet over. Zijn ouders vinden dit te gevaarlijk.
De laatste tijd echter gaat Dennis soms met minder plezier naar school. Moeder heeft navraag hierover gedaan en het blijkt dat de leerkracht hogere eisen aan Dennis stelt in verband met de voorbereiding op groep 3. Dennis heeft veel moeite met zijn taak- en werkhouding. Hij kan moeilijk wachten op zijn beurt. Hij wil meteen de aandacht van de leerkracht. Ook is hij gauw vermoeid en heeft moeite het tempo te volgen. Hij krijgt dit schooljaar remedial teaching voor zijn taak- en werkhouding en extra leesles. Om hem wat meer speelruimte te geven in groep 3 is nu al gestart met het leren lezen. Dennis leest nu op AVI-3 niveau. Wat betreft de voorbereidende vaardigheden rekenen en schrijven presteert Dennis op niveau.
Dennis heeft moeite met het gaan zitten en opstaan uit een stoel. Opstaan van de grond is erg moeilijk voor hem. Hij kan moeilijk lopen; is snel uit zijn evenwicht. Op school is hiervoor een rolstoel en driewieler. Op school verplaatst hij zich met deze driewieler. Tijdens het speelkwartier laat hij ook vaak andere kinderen op deze fiets rijden. De arts verwacht dat Dennis binnenkort aangewezen zal zijn op een elektrische rolstoel. Zijn motoriek gaat snel achteruit. Hij krijgt nu bijvoorbeeld grote moeite om over drempels te stappen. Dennis merkt steeds vaker dat hij bepaalde dingen niet meer of moeilijker kan. De school heeft enkele aanpassingen voor Dennis gerealiseerd. De directeur is druk bezig met de financiering van deze aanpassingen.
De leerkracht heeft samen met de ouders een brief geschreven aan de andere ouders van de klas om een en ander te vertellen over de ziekte Duchenne. Met name als Dennis bij andere kinderen thuis gaat spelen, willen de ouders van andere kinderen weten wat wel en niet mag. De leerkracht van Dennis krijgt ambulante begeleiding vanuit een mytylschool (een school voor lichamelijk gehandicapte kinderen). Deze ambulant begeleider komt regelmatig op bezoek. Door de ambulante begeleider is voorlichting gegeven over de ziekte en de gevolgen ervan voor het onderwijs aan het team van de school. Belangrijk om te weten is dat Dennis niet geduwd mag worden en niet opgetild mag worden aan zijn armen. De ambulant begeleider heeft een ergotherapeute op het revalidatiecentrum ingeschakeld voor een aangepaste stoel op school. Om de zes weken is er een gesprek op school tussen de ambulant begeleider, moeder, leerkracht en intern begeleider van de school. Dan wordt de voortgang van Dennis besproken en eventueel zaken op elkaar afgestemd. De ambulant begeleider brengt gegevens in van de arts en de fysiotherapeut. Ook de cognitieve ontwikkeling van Dennis wordt hier besproken. Moet Dennis volgend schooljaar toch niet naar de mytylschool (speciaal onderwijs) gaan? De ouders zijn heel tevreden over de school, maar ze zijn de laatste maanden sterk gaan twijfelen!!
Bron: lespakket Spieren. Vereniging Spierziekten Nederland (VSN).
Mogelijke bronnen:
Sherpa Pro: Zoektermen voor Google/Sherpa Pro:
Alkema, A. e.a. (2006). Meer dan Onderwijs. Assen: Van Gorcum.
Boeken (in eigen bezit):
Bongaards, B. & Sas, J. (2003). Praktijkboek leerlingenzorg. Het omgaan met zorgleerlingen in de basisschool. Houten: Wolters- Noordhoff.
Dulk, den, D. & Janssens, M. (2005). Inleiding in zorgverbreding en orthodidactiek. Baarn: HBuitgevers.
Boeken bibliotheek:
Bonnema, J. Tielen, L.M. & Huizing, A. (Red.). (2002). Wij zijn er ook nog! Broers en zussen van langdurig zieke kinderen. Utrecht: NIZW.
Handboek Spierziekten VSN. (2002). De Kern: Baarn. Hover, C. & Baarda, R. (2001). Met de rugzak naar school. Zoetermeer: Wegbereiders Expertisecentra LGF.
Internet: www.onderwijsaanziekeleerlingen.nl www.passendonderwijs.nl
Video: DVD Met rugzak en rolstoel; Teamonderwijs op maat (2008)
Taak 2: Zorg voor alle kinderen
Vooraf aan de taak:
De studenten hebben alle artikelen thuis bestudeerd.
Artikelen (Delphi):
1. Op weg naar een betere zorgstructuur door Yvonne Leenders en Anneke Ellenbaas uit de wereld van het jonge kind, januari 2007. (gericht op zorgniveau 1, 2 en (3))
2. Handelingsgericht werken binnen regiegebieden door Anneke Ellenbaas en Yvonne Leenders uit de wereld van het jonge kind, mei 2004. (gericht op alle zorgniveaus)
3. Klassenmanagement: hét instrument voor passend onderwijs door Gina de Vos-Knip uit JSW, april 2008. ( gericht op zorgniveau 1)
Mogelijke bronnen:
Sherpa Pro:
Zoektermen voor Google/Sherpa Pro: 1-zorgroute, handelingsgericht werken, adaptief onderwijs, zorgstructuur. Alkema, A. e.a. (2006). Meer dan Onderwijs. Assen: Van Gorcum.
Delphi:
Zes uitgangspunten handelingsgericht werken.
Invullijst leerkrachtvaardigheden adaptief onderwijs
Powerpoint: 1-zorgroute van KPC-groep
Adaptief onderwijs in een lerende school
Boeken (in eigen bezit):
Dulk, den, D. & Janssens, M. (2005). Inleiding in zorgverbreding en orthodidactiek. Baarn: HBuitgevers.
Ahlers J. & Vreugendenhil, K. (2008) De basisschool. Deventer: Van Tricht uitgeverij
Boeken bibliotheek:
Bongaards, B. & Sas, J. (2003). Praktijkboek leerlingenzorg. Het omgaan met zorgleerlingen in de basisschool. Houten: Wolters- Noordhoff.
Houtveen T. & Reezigt, G. (2000). Succesvol adaptief onderwijs. Samson: Alphen aan den Rijn.
Aalsvoort, D. (2002). Onderwijszorg in het primair onderwijs. Baarn: HBuitgevers.
Wiel van de, M. & Huijgens, M. (2003). Effectieve handelingsplanning. Baarn: HBuitgevers.
Dijkstra, R. & Munnik de, C. (2007). De adaptieve basisschool. Utrecht: APS.
Internet:
www.1-zorgroute.nl
www.passendonderwijs.nl
Taak 3: Hoe speciaal is het Speciaal (basis) onderwijs?
Casus Erik
Erik is altijd al een erg druk jongetje geweest. Op de basisschool constateerde men al snel dat hij niet in een grote groep kon functioneren. Hij werd verwezen naar het speciaal onderwijs, eerst IOBK (een school voor In Ontwikkeling Bedreigde Kleuters), later naar een school voor SBO school. De thuissituatie is niet probleemloos. De ouders van Erik zijn gescheiden en er is sprake van verslavingsproblematiek.
Erik is negen jaar als hij wordt aangemeld bij het PINN. Op dat moment verblijft hij in een psychiatrische kliniek en bezoekt hij de interne school van de kliniek. De behandeling is afgerond en er moet een school gevonden worden voor Erik. De SBO- school wil Erik, vanwege zijn probleemgedrag, niet weer terug. Hoewel Erik op zwakbegaafd niveau functioneert, voldoet hij net niet aan de toelatingscriteria van het ZMLK (school voor Zeer Moeilijk lerende Kinderen), een cluster 3-school.
Bij Erik is PDD-NOS gediagnosticeerd, gecombineerd met kenmerken van ADHD. Ook wordt een overmatige angststoornis genoemd en mogelijk een verbale ticstoornis. Kortom, zeer problematisch gedrag. Erik is extreem angstig in nieuwe en onverwachte situaties. Hij reageert met agressie en verbaal geweld op deze angsten. Hij kan niet tegen veranderen, overziet situaties niet en voelt zich snel onveilig.
Met andere kinderen kan Erik niet omgaan en bij volwassenen zoekt hij steun. Erik krijgt medicatie.
Verstandelijk functioneert Erik op zwakbegaafd niveau (IQ 71). Op de CBCL en de TRF liggen alle items (teruggetrokken, angstig/depressief, sociale problemen, denkproblemen, aandachtsproblemen, delinquent gedrag, agressief gedrag) binnen klinisch bereik, uitgezonderd lichamelijke klachten.
Op de interne school verbonden aan de psychiatrische kliniek is er speciaal voor Erik elke morgen een klassenassistente aanwezig omdat Erik moeilijk in een groep kan functioneren. Er is in de klas een apart hoekje voor hem gecreëerd waarin hij met de klassenassistente kan spelen. Alles wordt gestructureerd, Erik weet van minuut tot minuut wat er gaat komen.
Zelfs wanneer hij teruggaat naar de groep op de kliniek en later naar huis, weet hij via de volgorde in een kleurenketting welke activiteiten er de volgende dag op het programma staan. Omdat het voor Erik onmogelijk is in een groep van 10 à 12 kinderen te functioneren wordt hij in een PINN-klas van acht leerlingen geplaatst. Een extra klassenassistent speciaal voor Erik kan niet worden bekostigd, daarom wordt er een orthopedagoog in opleiding ingezet om Erik elke ochtend te begeleiden en te bekijken hoe het leerproces op gang gebracht kan worden. 's Middags blijft Erik in eerste instantie thuis om de spanning die een nieuwe situatie bij hem oproept te beperken. Uitbarstingen van agressie wordt op deze manier gereduceerd. Het komt dan ook zelden voor. Uit pedagogisch-didactisch onderzoek blijkt dat het onderwijsniveau beperkt is. Erik beheerst sommen onder de 10 nog niet en leest op AVI-1 niveau, het niveau van het begin van groep 3.
Na een aantal maanden is de situatie in de klas voor Erik vanzelfsprekend en is er een band met de leerkracht ontstaan. Erik kan nu de hele dag naar school. Het contact met andere kinderen is nog mini- maal. Hij weet niet hoe hij het aan moet pakken en contact eindigt dan ook vaak in ruzie. Erik doet nauwelijks mee aan spel. Hij maakt nu sommen tot 50. Het lezen blijft moeizaam. Schakelen naar een ander vorm van onderwijs zit er voor Erik niet in. Hij blijft waarschijnlijk aangewezen op zeer intensief onderwijs in een kleine groep.
Mogelijke bronnen:
Literatuur:
Meer dan onderwijs: Hoofdstuk 8: Zorg voor het kind pag. 364 t/m 403
Inleiding in de zorgverbreding en orthodidactiek: Hoofdstuk 3: Een continuüm van zorg pag. 55 t/m 78
De basisschool: Hoofdstuk 6: Samen naar school, maar soms ook niet pag. 106 t/m 123
Delphi:
Leeuwen, van B.. & Limpens, M. (2007). Leerlingen verschillen en dat is normaal. Ideologie van onderwijs aan leerlingen met speciale onderwijsbehoeftes. Enschede: SLO.
Jong, de E. & Bergsma, I. Handelingsgericht werken in het SBO. Woerden: WSNSplus.
Internet:
www.Passendonderwijs.nl
www.passendonderwijszuid-limburg.nl
Taak 4: Eén met het kind; leerkrachtvaardigheden
Materialen
DVD: Agressieve kleuters, ruim een jaar later. Uitzending NOVA, 3 januari 2009
Vooraf aan de taak
Samen met de studenten wordt het videofragment bekeken. Duur: 25 minuten.
Mogelijke bronnen:
Sherpa Pro:
Zoektermen voor Google/Sherpa Pro: pedagogische grondhouding, leerkrachtvaardigheden, SBL- competenties.
Alkema, A. e.a. (2006). Meer dan Onderwijs. Assen: Van Gorcum
Delphi:
Nienhuis, J. (2002). Werken met lvg- leerlingen in cluster 4- scholen. Regionaal Expertise Centrum Noord Nederland.
Boeken (in eigen bezit):
Bongaards, B. & Sas, J. (2003). Praktijkboek leerlingenzorg. Het omgaan met zorgleerlingen in de basisschool. Houten: Wolters- Noordhoff.
Dulk, den, D. & Janssens, M. (2005). Inleiding in zorgverbreding en orthodidactiek. Baarn: HBuitgevers. Hoofdstuk 1- 2,9 en 6
Vaessen, G. Een kink in de kabel; Psychiatrische problemen bij kinderen en jeugdigen in een leefgroep. Garant, 2003.
Vaessen, G. Een wervelkind; Praktisch handboek voor ouders van een ADHD kind. Garant, 2003
Boeken bibliotheek:
Werkverband Opleidingen Speciaal Onderwijs. Bekwaam en speciaal; Generiek competentieprofiel speciale onderwijszorg. WOSO & Garant Uitgevers, 2004
Internet: Agressieve kleuters, ruim een jaar later. Uitzending NOVA, 3 januari 2009 Duur 25 minuten (uitzending gemist)
Taak 5: Gewoon anders
Materialen DVD: Een school waar iedereen opvalt en niemand uitvalt, Algemeen pedagogisch studiecentrum.
Vooraf aan de taak
Samen met de studenten wordt het videofragment bekeken. Duur: 27 minuten.
Mogelijke bronnen:
Sherpa Pro:
Zoektermen voor Google/Sherpa Pro: rugzakleerling, passend onderwijs, LGF, orthopedagogiek, orthodidactiek, inclusief onderwijs.
Alkema, A. e.a. (2006). Meer dan Onderwijs. Assen: Van Gorcum.
Delphi:
Leeuwen, van, A.B., e.a. (2007). Tussen apart en samen. Integratie van kinderen met speciale onderwijsbehoeftes in het reguliere basisonderwijs.Een exploratief onderzoek vanuit leerplankundig perspectief. Enschede: Stichting leerplanontwikkeling (SLO).
Leeuwen, van B.. & Limpens, M. (2007). Leerlingen verschillen en dat is normaal. Ideologie van onderwijs aan leerlingen met speciale onderwijsbehoeftes. Enschede: SLO.
Boeken (in eigen bezit):
Dulk, den, D. & Janssens, M. (2005). Inleiding in zorgverbreding en orthodidactiek. Baarn: HBuitgevers.
Ahlers J. & Vreugendenhil, K. (2008) De basisschool. Deventer: Van Tricht uitgeverij
Boeken bibliotheek:
Bongaards, B. & Sas, J. (2003). Praktijkboek leerlingenzorg. Het omgaan met zorgleerlingen in de basisschool. Houten: Wolters- Noordhoff.
Aalsvoort, D. (2002). Onderwijszorg in het primair onderwijs. Baarn: HBuitgevers.
Wiel van de, M. & Huijgens, M. (2003). Effectieve handelingsplanning. Baarn: HBuitgevers.
Pelle, ter, J., Limpens, M. en Jansen, J. (2005). Gewoon als het kan. Enschede: SLO.
Keesenberg, H. (2008). Passend onderwijs. Alphen aan den Rijn: Kluwer.
Themanummer 10 juni 2008 De wereld van het jonge kind. Het vakblad voor ontwikkeling, opvoeding en onderwijs.
Internet:
www.passendonderwijs.nl
www.passendonderwijszuid-limburg.nl
Taak 6: Hoe verder nu?
Vooraf aan de taak
Studenten lezen de casus.
Vandaag zal de onderwijsgroep- bijeenkomst bestaan uit twee gedeelten:
1. Discussietaak: visievorming en discussie rond passend onderwijs en speciaal onderwijs.
Tevens 8 studenten benaderen om een rol te spelen in de zaak Benny
2. Bespreken team- functioneren van individuele student en groep- functioneren.
Materialen
Casus: Plaatsingproblematiek (toelating) regulier onderwijs- speciaal onderwijs
Bart, 11 jaar, zit nu twee jaar op een reguliere basisschool en heeft sinds kort een cluster 4-indicatie. Na de zomervakantie gaat hij naar groep 8.
De school bouwt vanaf het begin een dossier rond Bart op, omdat hij gedragsproblemen vertoont. Bart krijgt onder schooltijd een individuele SOVA- training en hij wordt door een orthopedagoge onderzocht. De PCL beoordeelt de problematiek als ‘te zwaar’ en Bart krijgt, zoals gezegd, een cluster 4-indicatie.
Bart mist thuis een vaderfiguur. Hij ziet zijn vader niet meer en aan zijn stiefvader heeft hij niet veel steun. De leerkracht van Bart heeft afgelopen jaar veel energie in hem gestoken. Deze leerkracht gaat mee naar groep 8, mar heeft laten weten Bart niet meer in de klas te willen hebben.
Volgens de moeder van Bart is er nog geen handelingsplan. Wel vraagt de school haar om briefjes te ondertekenen, die Bart bijvoorbeeld uitsluiten aan een sportdag en het schoolkamp. Moeder is het daar niet mee eens. Zij heeft het idee dat de school Bart liever naar het speciaal onderwijs ziet gaan.
Bart’s moeder is op een cluster 4-school gaan kijken, maar is van mening dat Bart daar niet past. Zij wil dat Bart op zijn huidige school blijft. De verstandhouding tussen de moeder en de school is verstoord geraakt.
De onderwijsconsulent regelt een gesprek tussen school, moeder en ambulante begeleiding. Hij legt uit dat de LGF destijds is ingesteld om ouders meer vrijheid te geven bij de keuze van het type onderwijs voor hunkind: speciaal onderwijs of regulier onderwijs met een rugzakje. Het uitgangspunt is het belang van het kind.
Bron: Onderwijsconsulenten plus; werkwijzer 3; september 2009
Mogelijke bronnen:
Sherpa Pro: Zoektermen voor Google/Sherpa Pro: rugzakleerling, passend onderwijs, LGF, orthopedagogiek, orthodidactiek, inclusief onderwijs.
Alkema, A. e.a. (2006). Meer dan Onderwijs. Assen: Van Gorcum.
Delphi:
Leeuwen, van, A.B., e.a. (2007). Tussen apart en samen. Integratie van kinderen met speciale onderwijsbehoeftes in het reguliere basisonderwijs.Een exploratief onderzoek vanuit leerplankundig perspectief. Enschede: Stichting leerplanontwikkeling (SLO).
Leeuwen, van B.. & Limpens, M. (2007). Leerlingen verschillen en dat is normaal. Ideologie van onderwijs aan leerlingen met speciale onderwijsbehoeftes. Enschede: SLO.
DVD: Een school waar iedereen opvalt en niemand uitvalt, Algemeen pedagogisch studiecentrum.
Boeken (in eigen bezit):
Dulk, den, D. & Janssens, M. (2005). Inleiding in zorgverbreding en orthodidactiek. Baarn: HBuitgevers.
Ahlers J. & Vreugendenhil, K. (2008) De basisschool. Deventer: Van Tricht uitgeverij
Boeken bibliotheek:
Bongaards, B. & Sas, J. (2003). Praktijkboek leerlingenzorg. Het omgaan met zorgleerlingen in de basisschool. Houten: Wolters- Noordhoff.
Aalsvoort, D. (2002). Onderwijszorg in het primair onderwijs. Baarn: HBuitgevers.
Wiel van de, M. & Huijgens, M. (2003). Effectieve handelingsplanning. Baarn: HBuitgevers.
Pelle, ter, J., Limpens, M. en Jansen, J. (2005). Gewoon als het kan. Enschede: SLO.
Keesenberg, H. (2008). Passend onderwijs. Alphen aan den Rijn: Kluwer.
Themanummer 10 juni 2008 De wereld van het jonge kind. Het vakblad voor ontwikkeling, opvoeding en onderwijs.
Internet:www.passendonderwijs.nl www.passendonderwijszuid-limburg.nl